Wat is de betekenis van beleggingsinstrumenten – en wat kun je ermee?

Laten we punt voor punt kijken naar wat beleggingsinstrumenten precies zijn.

Wat zijn beleggingsinstrumenten?

Beleggingsinstrumenten zijn producten waarin je kunt beleggen. Voorbeelden hiervan zijn: aandelen, crypto, vastgoed, opties, turbo’s of obligaties. En zo zijn er nog veel meer beleggingsinstrumenten.

Wat kun je allemaal als belegger?

Beleggers kunnen op veel verschillende manieren rendement (winst) halen. Dat doen ze met behulp van beleggingsinstrument. Het meest bekende beleggingsinstrument is natuurlijk het aandeel, maar er zijn nog talloze andere instrumenten om in te investeren. We bespreken in deze blog verschillende handelsinstrumenten en laten je zien wat de voor- en nadelen van elk zijn.

Wie, wat, wanneer, waarom, wanneer en hoe?

Elk beleggingsinstrument is anders, net zoals elke uitgever van bijvoorbeeld een obligatie of een aandeel anders is. Het verschilt per beleggingsinstrument wat de voordelen en wat de risico’s zijn. Het is aan beleggers te bepalen welke risico’s ze bereid zijn te nemen. De meeste ervaren beleggers investeren niet in één beleggingsinstrument, maar in meerdere. Ook dat is onderdeel van het bepalen van een strategie en het spreiden van het risico dat investeerders lopen.

Waarom gemend beleggen?

Aandelen zijn nog steeds de populairste beleggingsvorm, maar er zijn nog heel veel andere producten op de beurs te vinden waarmee beleggers rendement kunnen halen. Ook als een belegger zich vooral bezighoudt met (zich gespecialiseerd heeft in) aandelen, kan het nuttig zijn om deze af te wisselen met andere beleggingsproducten, om het risico nog verder te spreiden.

Wat voor handelsinstrumenten zijn er?

Naast aandelen kun je ook investeren in obligaties, in valuta (dit zijn wisselkoersen tussen twee munteenheden, bijvoorbeeld euro en pond), in opties, sprinters/turbo’s, futures, ETF’s en CFD’s. Komen sommige van deze termen je niet bekend voor? Geen paniek: we leggen alles rustig uit.

Waarom investeren in aandelen?

De meeste mensen die beleggen, beleggen in aandelen. Maar wat zijn aandelen eigenlijk? In feite is een aandeel niet meer dan een bewijs dat je een deel (aandeel) van een bedrijf bezit. Het werkt niet zoveel anders als een bonnetje in een supermarkt: deze bewijst immers dat je de nieuwe eigenaar bent van de door jou gekochte pot augurken. Bij bedrijven werkt dit ook zo, al zijn bedrijven natuurlijk veel duurder en is het vaak niet wenselijk als er één eigenaar is.

Wat kun je met aandelen?

Investeerders verdienen winst met aandelen als deze aandelen in waarde stijgen: als ze het aandeel voor meer geld kunnen verkopen dan waarvoor ze het aandeel hebben aangeschaft. Wat de actuele waarde is van een aandeel vind je terug in de koers. Aandelen kunnen naast in waarde toenemen, natuurlijk ook minder waard worden: dat betekent bij verkoop dat je verlies lijdt.

Het mooie van dividend

Voor winst op aandelen ben je in eerste instantie afhankelijk van stijgingen in de koers (dit heet koerswinst). Maar je kunt ook rendement halen uit dividend. Dividend is een (vaak jaarlijkse) uitkering die door het bedrijf aan de aandeelhouders wordt uitbetaald. Meestal is het dividend een deel van de winst die het bedrijf geboekt heeft. Let op: als een bedrijf geen winst maakt, of zelfs verlies, is de kans dat je als aandeelhouder dividend krijgt, niet groot.

Waarom gespreid aandelen aankopen?

Het is bij alle vormen van beleggingen verstandig om het risico te beperken. Dat betekent dat je gespreid investeert in aandelen. Je koopt aandelen van bedrijven uit verschillende sectoren. Zo ervaar je minder last als het financieel slecht gaat met één sector. Misschien heeft een andere sector waarin je geïnvesteerd hebt het op dat moment juist erg goed voor elkaar. Ook kan het zijn dat een bedrijf failliet gaat. In zo’n geval is een aandeel meteen niets meer waard.

Wat zijn opties precies?

Een optie aankopen, betekent een contract afsluiten. Je koopt het recht een effect tegen een bepaalde prijs te verkopen (putoptie), of tegen een bepaalde prijs te kopen (calloptie). Dit effect kan bijvoorbeeld een aandeel zijn. Je kunt een calloptie toepassen op een aandeel dat je nog wilt kopen. Een putoptie gebruik je voor een aandeel of ander effect dat al in je bezit is.

Waarom beleggen in opties?

Investeren in opties is vaak risico’s, maar opties kunnen je ook helpen je risico’s te beperken. Hoe precies? Als je een agressieve belegger bent, kun je in één keer flink investeren als je denkt dat de koerst gaat stijgen. Dat betekent dat je tot wel tientallen procenten winst kunt behalen. Maar je kunt ook opties gebruiken om juist relatief goedkoop aandelen in te kopen, of juist aandelen te verkopen tegen een prijs die hoger is dan de koers op dat moment aangeeft.

Wat zijn dan futures?

Net als een optie is een future een contract. Bij een future bepaal je een vaststaand tijdstip in de toekomst (‘future’) voor de levering van een financieel product. Ook spreek je van tevoren al een prijs af. Het contract heeft een onderliggend product (dat is het financieel product dat in de toekomst verkocht gaat worden). Futures zijn te gebruiken voor onder meer indexen, obligaties, maar ook voort bepaalde grondstoffen, zoals zilver, goud en olie.

Hoe zijn futures ontstaan?

Futures zijn ontstaan in de agrarische sectors en werden in eerste instantie gebruikt door boeren die hun oogst wilden afdekken. De boeren dekten zich op die manier in. Futures worden nu bijvoorbeeld ook door luchtvaartmaatschappijen gebruikt om zich te beschermen tegen een hoger wordende prijs voor olie (brandstof). Als particuliere belegger/privépersoon dek je je beleggingsportefeuille in met de aankoop van een future voor je investeringen.

Wat zijn turbo’s en sprinters?

Hiermee worden hefboomproducten bedoeld. Beleggers gebruiken deze hefbomen om meer rendement te kunnen halen op verschuivingen in de koers. Je kunt sprinters/turbo’s op vele verschillende manieren gebruiken, bijvoorbeeld voor aandelen, valuta, indexen, obligaties of grondstoffen.

Hoe werkt een turbo?

Een turbo is net als een optie of future gebaseerd op een bepaalde onderliggende waarde (denk aan een aandeel, een obligatie, een index, valuta of grondstof). Er zijn twee soorten turbo’s: turbo’s long en turbo’s short. Een turbo long stijgt als ook de onderliggende waarde stijgt en andersom daalt een turbo short in waarde als de onderliggende waarde afneemt.

Voor- en nadelen sprinters/turbo’s

Met sprinters/turbo’s kun je flink wat winst maken, maar je kunt er ook flink op verliezen. Een groot nadeel is dat je bij deze beleggingsinstrumenten vaak flink hoge rentes betaalt.

Wat zijn precies CFD’s?

Ook CFD’s worden gebruikt om in te spelen op wijzigingen in de koers van onder meer aandelen, grondstoffen, indexen, valuta’s en obligaties. Ze lijken op turbo’s, maar zijn anders. CFD is een afkorting van Contract For Difference. Een CFD is een contract dat wordt gesloten tussen koper en verkoper. 1 CFD neemt de waarde in van (bijvoorbeeld) 1 aandeel. Omdat je geen eigenaar wordt van het aandeel, krijg je als eigenaar van de CFD geen dividend.

Wat maakt CFD’s gunstig?

Je wordt geen eigenaar van bijvoorbeeld een aandeel en krijgt dus geen rendement, maar je volgt wel dezelfde koers als het aandeel. Dat betekent dat je bij een stijging in de koers net zo veel winst maakt met een CFD als de eigenaar van het onderliggende aandeel. Het grote voordeel is dat een CFD veel goedkoper is dan een aandeel. Dat betekent dat je meerdere CFD’s kunt kopen voor 1 aandeel en meerdere keren profiteert als het aandeel in waarde stijgt.

Voor- en nadelen van CFD’s


Je maakt met CFD’s gebruik van een hefboom. Dat betekent dat je meer winst kunt halen dan wanneer je met een ‘gewoon’ effect zou handelen. Maar de hefboom kan natuurlijk ook de andere kant op werken: bij een daling in de koers heb je meer verlies dan bij een gewoon effect.

Waarom beleggen in valuta

Iedereen weet wat een valuta is: een munteenheid natuurlijk, zoals de euro, de dollar, de pond of de yen. Als je handelt in valuta handel je niet in één munteenheid, maar eigenlijk in twee. Je moet de ene valutasoort namelijk met een andere vergelijken om te bepalen of deze nu relatief meer of minder waard wordt. Daarom handel je in valutaparen. Dit kunnen bijvoorbeeld de pond en de dollar zijn, of de dollar en de euro, of juist de euro en de pond.

Ook wel Forex handel genoemd

Handel in valuta wordt ook wel Forex handel genoemd (Foreign Exchange: vreemde valuta). Valutahandel is vooral populair bij daghandelaren. Daghandelaren zijn van dag tot dag bezig met het aankopen en verkopen van effecten. Deze daghandelaren investeren in Forex omdat hiervoor relatief lage spreads worden gevraagd door brokers. Met spreads worden toeslagen bedoeld.

Wat betekent beleggen in ETF’s?

ETF is een volgende afkorting. Deze staat voor ‘Exchange Traded Fund’. Een naam die ook vaak voor dit beleggingsinstrument gebruikt wordt is ‘tracker’. Een tracker is een vorm van beleggingsproduct met een index als onderliggende waarde. Een tracker is eigenlijk een beleggingsfonds waarden de aandelen die onderdeel uitmaken van een bepaalde index zijn opgenomen en dat in eenzelfde verhouding. Een tracker betekent niet voor niets ‘volger’.

Wat maakt ETF’s/trackers populair?

Deze producten zijn erg populair onder de huidige generatie beleggers. Dat komt vooral door de relatief lage kosten. Ook is het product gewoon overzichtelijk en eenvoudig. Wie investeert in een ETF, heeft in één klap een gespreide beleggingsportefeuille. Je koopt namelijk niet één effect, maar gelijk een verzameling effecten – aandelen. Het voordeel van ETF’s is dat ze zeer transparant zijn. Ook zijn gemakkelijk aan te kopen en te verkopen op de beurs.

Wat zijn obligaties?

Obligaties worden uitgegeven door bedrijven, maar ook door overheden. Wie een obligatie bezit, heeft bewijs van het feit dat hij of zij geld heeft uitgeleend aan een overheid of een bedrijf en dus schuld kan eisen. Met obligaties beleg je dus eigenlijk door geld aan anderen uit te lenen.

Hoe werken obligaties?

Je sluit leningen niet zomaar af aan vreemden, zelfs als is het een financieel gezond bedrijf of een overheid. Je wilt er natuurlijk wel iets voor terug. Dat ‘iets’ is rente. Het rentebedrag op de obligatie wordt vastgesteld in de ‘coupon’. Obligaties hebben een vast rentepercentage. Je weet dus van tevoren al hoeveel rente je gedurende de looptijd van de rente zult krijgen.

Een obligatie is een ‘defensief product’

Wie een obligatie afsluit bij een bedrijf loopt iets meer risico dan bij een overheid (met name overheden in Westerse landen). Bedrijven kunnen omvallen, maar van overheden in West-Europa zal hier normaal gesproken nooit sprake van zijn. Staatsobligaties zijn daarom bijna geheel vrij van risico. Als je investeert in obligaties bij een bedrijf, krijg je wel weer hogere rente.

De koers van een obligatie bepalen

Om te begrijpen wat de koers van het aandeel is, moet je kijken naar de ‘yield’. Het klinkt misschien wat gek, maar je moet als stelregel nemen dat wanneer de yield in waarde stijgt, dit niet goed is voor de waarde van de obligatie (deze neemt in waarde af). Als de yield juist in waarde daalt – dat kan bijvoorbeeld door renteverlaging door de ECB – dan zal de koers juist stijgen.